Voor de nabestaanden van de ramp met het stoomschip de Van Imhoff, die ruim tachtig jaar geleden plaatsvond, was 9 oktober 2025 een belangrijke dag. In Museum Sophiahof werd de alomvattende studie De ramp met de Van Imhoff en het lot van Duitse burgers in Nederlands-Indië 1940-1945 aan een groot gezelschap gepresenteerd.

Aan hun lot overgelaten

Bij de ramp kwamen meer dan 400 Duitse mannen om. Deze waren geïnterneerd door de Nederlands-Indische autoriteiten na de Duitse bezetting van Nederland in mei 1940. Tijdens hun vervoer per schip naar India werden de in kooien opgesloten mannen door de bemanning van de Van Imhoff achtergelaten toen deze op 19 januari 1942 door Japanse bommen tot zinken werd gebracht.

Beeld: Mediacentrum Defensie, Fotograaf: John van Helvert

Patricia Sonnenburg is de kleindochter van Hans Sonnenburg, een van de slachtoffers van de scheepsramp met de Van Imhoff in 1942. Zij heeft een belangrijke rol gespeeld als aanjager van historisch onderzoek naar de ramp. In dit artikel licht zij haar rol toe. Hier is zij samen met haar hond Abby te zien.

Een dag van erkenning

Journalisten en historici onderzochten al eerder op eigen initiatief de ramp. De grondige studie die door onderzoekers van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie op 9 oktober werd gepresenteerd, is echter in opdracht van het ministerie van Defensie en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties uitgevoerd. Dit gebeurde na inschakeling door Patricia Sonnenburg van de in mensenrechtenschendingen gespecialiseerde advocate Liesbeth Zegveld.

Excuses van het kabinet

De nabestaanden wachtten die dag nog een verrassing. Zowel de minister van Defensie als die van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties bood namens het kabinet excuses aan voor het uitblijven van reddingspogingen en het nadien stilhouden van de ware toedracht.

Beeld: Mediacentrum Defensie, Fotograaf: John van Helvert

Monique Penders-Sonnenburg en Patricia Sonnenburg met een familiefoto van hun vader Rolf als kind en met zijn ouders, Käte (Kay) Gärtner en Hermann Helmut Otto (Hans) Sonnenburg, midden jaren ‘30 in Nederlands-Indië. Hans Sonnenburg werd in 1889 in Berlijn geboren. Hij trok waarschijnlijk begin jaren 1920 naar Nederlands-Indië en werd daar directeur van een verzekeringsbedrijf in Bandung, een belangrijk centrum voor het verzekeringswezen. Hij kwam om bij de scheepsramp met de Van Imhoff in 1942.

Kleindochter van slachtoffer

De jarenlange inzet van Patricia Sonnenburg, kleindochter van de op 52-jarige leeftijd omgekomen Hermann Helmut Otto Sonnenburg heeft gehoor gevonden. Op de belangrijke eerste stap op weg naar eerherstel die al in 2021 is ingezet - opdracht tot grondig onderzoek – zijn na kennisneming van de inhoud excuses van de regering gevolgd. In dit artikel licht Patricia Sonnenburg toe wat haar ertoe dreef om gerechtigheid te zoeken, en hoe ze het proces heeft beleefd. Een biografisch inkijkje in de dynamiek van herstel van historisch onrecht.

Wie kaart historisch onrecht aan?

Vaak begint de strijd om erkenning van historisch onrecht met de eenzame strijd van een eenling. Zeker als de ervaring niet past in het dominante verhaal over een gewapend conflict en politiek onwelgevallig is. Journalisten, documentairemakers en historici schenken eerder tegen de stroom in aandacht aan deze kwestie, maar hun drijfveer is professioneel van aard. Bij Patricia Sonnenburg ligt dat anders:

“Als onschuldige burger die jarenlang deel had uitgemaakt van de Nederlands-Indische samenleving, werd mijn grootvader na de Duitse bezetting van Nederland opeens tot ‘vijand’ verklaard en geïnterneerd. Alle bezittingen van de familie werden geconfisqueerd, zijn verzekeringsbedrijf werd tijdens zijn internering failliet verklaard. Dit had grote gevolgen voor mijn grootmoeder en vader. Twee jaar later werd mijn grootvader de verdrinkingsdood ingejaagd. Dat moet een verschrikkelijke gedachte geweest zijn voor mijn grootmoeder en vader. Die kwamen zelf later los van elkaar in een Japans interneringskamp terecht. Het gevoel dat er iets vreselijks en onrechtvaardigs was gebeurd was er altijd in mijn familie, het werd alleen niet benoemd.”

Indisch zwijgen

De ervaringen in Indonesië laten, grotendeels onzichtbare, sporen na in het gezin. Het verzwijgen van pijnlijke episodes uit een familiegeschiedenis kan gevoelens van spanning en onveiligheid veroorzaken. We weten nu dat die overgedragen kunnen worden op volgende generaties. In het gezin van Patricia Sonnenburg ging het om een bijzondere combinatie: het historische taboe op Duits slachtofferschap van grootvader en het ‘Indisch zwijgen’ over de Japanse kampervaring van grootmoeder en vader.

Een houten kistje vervaardigd door Hans Sonnenburg tijdens zijn internering in kamp Lawé Sigalagala in de Alasvallei in Noord-Sumatra. Het is waarschijnlijk dat het kistje naar de familie is opgestuurd vanuit het interneringskamp tussen 1940 en 1942.

Beeld: Mediacentrum Defensie, Fotograaf: John van Helvert

Een beschilderd houten plaatje vervaardigd door Hans Sonnenburg. Een geïnterneerde man in kleding die uitgedeeld werd bij aankomst in het kamp, kijkt door de prikkeldraadomheining naar het landschap van Sumatra.

Beeld: Mediacentrum Defensie, Fotograaf: John van Helvert

Sporen van het verleden

Materiële sporen met een symbolische waarde zijn echter moeilijker te negeren. In huize Sonnenburg maken twee voorwerpen al jarenlang deel uit van de huisraad: een houten kistje en een geverfd houten plaatje. Patricia’s vader, Rolf Sonnenburg, koestert jarenlang beide objecten, maar zwijgt over de herkomst.

Sonnenburg: “Mijn vader vertelde niets over de internering en verdrinkingsdood van mijn grootvader. Mijn moeder gebruikte het houten doosje om haar sieraden in op te bergen. Pas heel veel jaren later vertelde ze mij dat het door mijn grootvader was gemaakt tijdens zijn internering in het kamp in de Alasvallei in Noord-Sumatra. Het houten geverfde plaatje bleek ook door mijn grootvader gemaakt te zijn.”

Van persoonlijke zoektocht naar erkenning

Patricia Sonnenburg vertelt meer over het moment waarop zij besloot zich te verdiepen in het verleden van haar familie.

Sonnenburg: “Vlak voor het overlijden van mijn vader in 1983 ontving hij eindelijk zijn achterstallige soldij van zijn jaren in krijgsgevangenschap, dat was 7500 gulden. Hij was daar zo intens gelukkig mee, dat raakte mij heel diep. Het besef drong tot mij door dat hij heel veel had meegemaakt. Dat moment motiveerde mij om in onze familiegeschiedenis te duiken.”

Het omslagpunt komt pas in 2017 als de VARA de documentaire De ondergang van de Van Imhoff uitzendt.

Sonnenburg: “De slachtofferlijst werd getoond en opeens verscheen de naam van mijn grootvader op het televisiescherm. Ik was in shock. Het was voor mij een vorm van erkenning van de buitenwereld dat dit drama zich werkelijk had afgespeeld, het leek op een soort teken: als ik eerherstel en excuses wil, dan is het nu of nooit!”

Beeld: © Schilderij Karl Alexander Koch, collectie Studienwerk Deutsches Leben in Ostasien, objectnummer A0135

Grootvader Hans Sonnenburg kwam in 1940 in het kamp in Lawé Sigalagala in de Alasvallei in Noord-Sumatra terecht. Dit schilderij werd gemaakt door zijn medegeïnterneerde Karl Alexander Koch in 1941.

Beeld: Mediacentrum Defensie, Fotograaf: John van Helvert

Monique Penders-Sonnenburg met een foto van haar vader Rolf Sonnenburg. Hij was aan het begin van de oorlog opgeroepen voor de dienstplicht bij het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger. In de Japanse tijd kwam hij eerst als krijgsgevangene in Bandung terecht en in 1944 werd hij verscheept naar Damar, een eiland voor de kust van Singapore. Bij terugkeer in Nederland na de oorlog meldde hij zich aan bij de Koninklijke Militaire Academie om beroepsmilitair te worden. Rond 1955 werd hij in Gütersloh op een NAVO-basis geplaatst. Daar trouwde hij in 1957 met de Duitse Maria Elisabeth Niemerg. Twee jaar later verhuisden zij naar Nederland.

De weg naar waarheidsvinding

Sonnenburg besluit advocate Liesbeth Zegveld, een ervaren onderhandelaar met het ministerie van Defensie, in de arm te nemen. Die brengt op formele wijze de wens over om via waarheidsvinding tot excuses en eerherstel te komen. Nadat de publiciteit is opgezocht, melden zich meerdere nabestaanden bij het kantoor van Zegveld.

Sonnenburg: “Bijna allemaal begonnen ze hun verhaal met ‘We dachten dat we de enigen waren.’ Door met Liesbeth naar buiten te treden ontstond een gemeenschap nabestaanden. Ik organiseerde dan ook de eerste bijeenkomst bij haar op kantoor. Al gauw kwam het onderwerp schadevergoeding ter sprake, maar daar wilde ik ver van blijven. Het ging mij niet om geld, maar om mijn grootvader recht te doen.”

Nieuw onderzoek

En dan komt op 28 juli 2021 het bericht dat de ministeries van Defensie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties hebben besloten een diepgaand historisch onderzoek te financieren.

Sonnenburg: “Ik kon het bijna niet geloven. Al die jaren van slapeloze nachten, van wanhopig piekeren, hadden iets opgeleverd. We hoefden geen rechtszaak te voeren om onze doelen te verwezenlijken.”

Tegelijkertijd is het voor haar ook wennen dat anderen er nu mee verder gaan. Ze had gehoopt meer betrokken te kunnen zijn bij het proces, bijvoorbeeld door het manuscript te mogen inzien. Maar het principe van ‘wetenschappelijke onafhankelijkheid’ biedt daar vaak geen ruimte voor. Soms schiet dat te veel door en worden mensen onbedoeld diep gekwetst.

Sonnenburg: “Toen ik het boek op 9 oktober opensloeg verwachtte ik dat bij het voor- of dankwoord enige woorden aan mijn rol zouden zijn besteed, maar dat bleek niet het geval. Dit zal wellicht niet opzettelijk zijn gebeurd, maar na bijna acht jaar je zo te hebben ingezet, vaak tegen de stroom in, was dit wel een behoorlijke dreun.”

Doel is bereikt

Patricia Sonnenburg vindt dan ook dat de rol die gewone burgers op zich nemen bij het streven naar rechtsherstel ook als zodanig erkend moet worden door wetenschappelijke instituten.

Sonnenburg: “Mijn uiteindelijke doel is bereikt, rechtsherstel voor mijn grootvader en voor alle andere slachtoffers. Maar ik ben ook heel blij dat ik via dit artikel alsnog mijn rol in het geheel heb kunnen toelichten. Ik zie ook uit naar de podcast die het NIMH over deze kwestie ergens in de zomer zal publiceren.”

Beeld: Mediacentrum Defensie, Fotograaf: John van Helvert

Patricia Sonnenburg bewaart diverse foto’s, fotoalbums, brieven en ander materiaal van haar familie uit Nederlands-Indië en Duitsland.

Dit artikel is geschreven door Stef Scagliola in opdracht van het NIMH met medewerking van Patricia Sonnenburg.