De 24-jarige sergeant Valentin Geradus Kokhuis was een van de eerste Nederlandse commando’s. Hij maakte deel uit van de in juni 1942 opgerichte No. 2 Dutch Troop en nam in september 1944 deel aan operatie Market Garden. Daarna werd hij toegevoegd aan een Britse marinierseenheid en ingezet bij operatie Infatuate. Die operatie vormde het sluitstuk van de Slag om de Schelde en was gericht op het uitschakelen van de Duitse geschutsbatterijen op het Zeeuwse eiland Walcheren. Dit was een laatste noodzakelijke stap om het scheepverkeer over de Schelde naar Antwerpen mogelijk te maken. Door logistieke problemen wilden de geallieerden de Antwerpse haven zo snel mogelijk in gebruik nemen. De rest van de zuidelijke en noordelijke Scheldeoever was al bevrijd. Sergeant Kokhuis nam volop deel aan de strijd en bracht het er ternauwernood levend van af.

Kokhuis in de frontlinie

Op 1 november 1944 werd Walcheren van drie kanten aangevallen: bij de verbindingsdam tussen Walcheren en Zuid-Beveland, bij Vlissingen en bij Westkapelle. Kokhuis kwam aan land bij Westkapelle op de westpunt van het eiland. Over zijn toenmalige ervaringen legde hij in 1949 een officiële verklaring af voor de Commissie Militaire Onderscheidingen. De originele verklaring bevindt zich in collectie 057 Losse Stukken (inventarisnummer 4843) van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie. Kokhuis doet in zijn ooggetuigenverslag op laconieke wijze uit de doeken in welke levensgevaarlijke situaties hij op Walcheren maar ook daarna verzeild raakte. Daarnaast geeft onverbloemd zijn mening over het optreden van verschillende andere Nederlandse commando’s uit zijn groep. Voor zijn heldhaftige daden tijdens Operatie Market Garden en de Strijd om Walcheren ontving sergeant Kokhuis op 12 mei 1951 het Bronzen Kruis.

Beeld: NIMH

Pagina met Kokhuis' verklaring over zijn inzet bij Walcheren.