Ruim tachtig jaar geleden vielen er bommen op Dresden. In de binnenstad en aanliggende wijken brak de hel los: brisant- en brandbommen zorgden voor één groot inferno. En dat, zo we nu weten, vlak voor het einde van de oorlog. De stad werd daardoor hét symbool van de totale oorlog, waarvan ook onschuldige, weerloze burgers – kinderen, vrouwen, ouderen – het slachtoffer werden. Wat weinig mensen weten, is dat Nederlanders betrokken waren bij het bombardement. Het NIMH vertelt hun indrukwekkende verhalen: drie vliegers die hun dodelijke lading op de stad lieten vallen en een Nederlandse krijgsgevangene die in een noodhospitaal tussen de vlammen en instortende gebouwen probeerde te redden wat er te redden viel.